Kippen, koeien, varkens en andere werkende dieren maken deel uit van onze samenleving,

maar hun belangen worden zelden serieus genomen. Dat wil ik veranderen.

Arbeidsrechten beschermen werknemers tegen uitbuiting en onrechtvaardige behandeling. Een vorm van arbeidsrechten zou ook voor werkende dieren moeten gelden. Dat is onze juridische en morele plicht. Vanuit die overtuiging richtte ik de Vakbond voor Dieren op en schreef ik het boek Hoeveel vakantiedagen heeft een varken? Als vakbondsleider strijd ik voor het recht op een veilige en gezonde werkomgeving, op een sociaal leven, op rust en vakantie en op inspraak. Rechten die voor mensen vanzelfsprekend zijn, maar voor dieren nog bevochten moeten worden.

Wat mij drijft is de overtuiging dat dierenwelzijn geen commerciële keuze mag zijn en zeker niet aan de consument overgelaten kan worden.

Want zolang de belangen van dieren afhangen van wat economisch rendabel is, worden zij structureel tekortgedaan.

Ik onderzoek wat er verandert als we dieren wél centraal zetten. In de veehouderij, in de wet, in het dagelijkse leven. Die vraag leidt tot ongemakkelijke conclusies én tot concrete oplossingen.

Wie dieren serieus neemt, leert naar ze luisteren en begrijpt wat ze ons vertellen. We leren het gedrag van dieren, hun emoties en hun taal steeds beter begrijpen. Die kennis wil ik uitdragen en daarmee aantonen dat onze manier van omgaan met werkende dieren onacceptabel is.

Ik stel vooral vragen. Wat vindt het dier hier zelf van, is een van de belangrijkste. Wie vertegenwoordigt hun belangen? En waarom ontbreekt hun perspectief nog altijd op de plekken waar over ze gesproken en besloten wordt. Wil je daarover met mij in gesprek? Neem rechtstreeks contact met mij op.

Artikelen over wat ik vind